Wil je een beter EPC-label, voor de verkoop, voor de renovatieplicht of voor een lagere energiefactuur? Niet elke maatregel heeft hetzelfde effect. Dit zijn de belangrijkste, met cijfers uit een simulatie die ik maakte voor een vrijstaande woning uit 1993 met elektrische verwarming (start: 570 kWh/m², label F).
1. Bewijs wat er al is
Vaak zit er al isolatie, maar ontbreekt het bewijs. Dan moet ik met ongunstige standaardwaarden rekenen. In de simulatie bracht alleen het bewijzen van de bestaande isolatie de score van 570 naar 462: van label F naar E, zonder één euro te investeren. Daarom zoek ik bij elk plaatsbezoek mee naar facturen, plannen en foto’s, en waar het kan en met je akkoord doe ik een kleine boring.
2. Een warmtepomp
De grootste sprong in de simulatie: een warmtepomp in plaats van elektrische verwarming bracht de score naar 165, label B. Hoe groot het effect bij jou is, hangt af van je huidige verwarming en je isolatie.
3. Dakisolatie
Het dak is vaak de plek waar het meeste warmte verloren gaat. Dakisolatie volgens de huidige normen is meestal een van de meest kostenefficiënte ingrepen, zeker als het dak nog niet geïsoleerd is.
4. Zonnepanelen
Zonnepanelen verlagen het primaire energieverbruik. In de simulatie verbeterden 16 panelen (7 kWp) de score met meer dan 100 punten. Een kleinere installatie had minder effect. Meer over advies zonnepanelen.
5. Muurisolatie, ramen en ventilatie
Spouwmuurisolatie is relatief goedkoop. Nieuwe ramen en ventilatie verbeteren vooral het comfort, en dragen samen met andere maatregelen bij aan een beter label.
Alles samen
Met alle maatregelen samen ging de woning uit de simulatie van label F naar A+. De beste volgorde verschilt per woning. Een EPC-simulatie toont wat voor jouw woning het meeste oplevert.